Op sleeptouw met een gekwelde kunstenaar

Pushwagner 

(Even G. Benestad & August B. Hansen, 2011, 73 min.)

In Noorwegen maakt de excentrieke kunstschilder Terje Brofos al vele jaren furore onder zijn alias Hariton Pushwagner. Om deze man wat beter te leren kennen, volgden filmmakers Even Benestad en August Hansen hem drie jaar lang. Een turbulente periode die bij vlagen net zo dystopisch lijkt als de wereld die hij steeds op zijn werk verbeeld. Na jaren met zijn drugsverslaving te hebben geworsteld en als vagebond door de straten van Oslo te hebben geslenterd, is hij nu in een juridische strijd met zijn voormalig assistent verwikkeld, waar hij bijna aan onderdoor lijkt te gaan. Ondanks alle tragiek zit de documentaire, mede door de subtiele machtsstrijd tussen de makers en de kunstenaar, vol komische momenten en biedt het tevens een goede blik zijn werk en zijn visie op kunst.

Dubbel
“Ik, Pushwagner, ben de kunstenaar. Terje Brofos is mijn andere deel. Hij is degene die naar de wc gaat en zijn kont afveegt. Het is een polyfrene situatie – geen schizofrene – er zijn vele persoonlijke tendensen die om een plekje strijden: de ene persoon schrijft de cheque uit, de andere verzilvert hem, maar de cheque is niet gedekt.” ‘Push’, zoals de makers hun subject soms liefkozend noemen, kent vele gezichten. Enerzijds is er de onvoorspelbare en energieke rock ’n roll-schilder die naar buiten treedt en een show geeft voor de media, anderzijds is er de bedachtzame, zachtmoedige man die hard werkt en op zijn privacy gesteld lijkt te zijn. Langs deze twee polen heeft zijn leven zich voltrokken en dit zorgde zowel voor zijn grote successen als kunstenaar als voor de diepe dalen in zijn persoonlijke leven.

Controle
Naast de gelaagdheid van de hoofdpersoon, vertoont de film qua opzet ook een zekere artistieke gelaagdheid, waarbij de relatie tussen de makers en hun subject op een ludieke wijze uit de verf komt. De totstandkoming van de film gaat namelijk gepaard met een openlijk gevoerde machtsstrijd om de controle van de film. Zoals de kunstenaar zelf opmerkt: “Het zou een metafilm zijn, een film over hoe je hem hebt gemaakt, verdomme.” Zo loopt hij met zijn baret op in beeld om de crew te instrueren hoe zij de film moeten maken. Hier en daar zorgt dit voor wat ongemakkelijke momenten, maar deze lijken toch de band tussen beide partijen te versterken. Om deze machtsstrijd te benadrukken zien wij Pushwagner soms in een controle kamer achter de knoppen zitten en met een ietwat chagrijnige blik naar het scherm kijken waarop hij de film ziet die er over hem wordt gemaakt.

Kunst
Het spel tussen Pushwagner en de crew geeft een leuk inkijkje in zijn persoonlijkheid en vormt naast de rechtszaak om het beeldrecht van zijn werk, de belangrijkste rode draad in de film. Naast deze dramatische aspecten wordt er gelukkig ook de nodige aandacht besteed aan zijn kunstwerken, die zich typeren door hun cartooneske stijl. Bijzonder daarbij is de manier waarop zijn werk door de makers op digitale wijze wordt geanimeerd en daardoor zowel letterlijk als figuurlijk een extra dimensie krijgt. Daarnaast helpen de interviews ons om zijn werk wat beter te leren begrijpen. De rode draad door zijn oeuvre is een somber stemmende wereld van een grijze, anonieme massa: van uniforme mensen die iedere dag keurig en emotieloos in de rij staan om de maatschappelijke tredmolen draaiende te houden. Het is precies deze wereld waar Push zich vanaf zijn jeugdjaren al af wilde keren. Het maken van kunst was een manier om, zoals hij het zelf stelt, ‘de saaiheid van het alledaagse leven’ te ontvluchten.

Gevoel
De film toont zo ook de minder bekende, gevoelige kant van Terje Brofos, een kant die hij, zeker na de dood van zijn grote artistieke voorbeeld, de schrijver Axel Jensen en de scheiding van zijn vrouw, door middel van drank en drugs probeerde te verdoven. Door de onrust die ook de rechtszaak met zich meebrengt, zien wij hem onder andere in het ziekenhuis belanden wegens uitdroging– en ondervoedingsverschijnselen. Vanuit zijn bed licht hij zijn omstandigheden toe: “Als je teveel eet verlies je het effect van de alcohol. […] je neutraliseert negatieve psychologische toestanden door te drinken. Dat is de reden waarom daklozen drinken. Ze leven in moeilijke omstandigheden. Je kunt het vergelijken met deze rechtszaak.”

Conclusie
De afwisseling tussen de momenten van kwetsbare openheid, energieke ergernis (al dan niet geveinsd) en oprechte blijdschap, zorgen ervoor dat de missie van de filmmakers aardig geslaagd is te noemen. De band tussen de kunstenaar en de filmploeg is, door de ongeremdheid van Push erg bijzonder te noemen. De haat-liefdeverhouding, de metatekstuele grapjes en het bijzonder vormgegeven inkijkje in Pushwagners werk, maken de documentaire tot een vermakelijk, pluriform geheel. Het hele polyfrene spectrum van Pushwagner passeert de revue waardoor iemand die minder of niet bekend is met de kunstenaar en zijn werk, op een leuke manier kennis met hem maakt. Echter blijf je als kijker na het zien van de film toch achter met het gevoel dat de hoofdpersoon niet helemaal het achterste van zijn tong heeft laten zien. Daarnaast weet je ook niet helemaal wie het spel om de controle precies heeft gewonnen. Misschien dat het ook niet zoveel uitmaakt, want zoals Push het zelf al stelt: “Controle heeft niets met fantasie te maken. Kunst is fictie, het gaat erom een leugen te vertellen […] Het leuke is dat het niet waar of onwaar is. Het is het verhaal zelf.”

Over yourisepp

Filmrecensies, filmtheorie en meer...
Dit bericht werd geplaatst in Filmrecensies en getagged met , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s