Verfrissende studie naar de documentairefilm

Routledge Film Guide Books: Documentary
(Dave Saunders, Routledge, 2010, 278 pag.)

In Documentary verkent filmwetenschapper Dave Saunders de ontwikkeling van de documentairefilm en neemt hij een aantal films onder de loep die het aangezicht van deze filmvorm drastisch hebben veranderd. In een verzameling essays tracht hij de kernproblemen, context en verschijningsvormen te verduidelijken. Zijn studie is echter niet gespeend van hoogdravend academisch jargon waardoor het voor de leek vrij lastig te verteren zal zijn. Voor filmstudenten kan Documentary, door de grondige en originele analyses, echter een hoop waardevolle inzichten leveren.


De werkelijkheid is hip
De laatste jaren neemt het aantal documentaires dat het grote publiek weet te bereiken gestaag toe. Filmproducenten die zich eerder alleen toespitsten op de fictiefilm, zien steeds vaker brood in non-fictiefilms met een groot budget. Films als Fahrenheit 9/11 (2004), Capturing The Friedmans (2003) en Supersize Me (2004) tonen aan dat intellectuele vorming goed samen kan gaan met het bieden van vermaak. Evenals het succes van de momenteel wijdverbreide reality tv-formats maken deze films duidelijk dat er veel geld te verdienen valt aan het niet gescripte, ‘echte’ leven, zo stelt Saunders. Dit ‘echte’ leven, oftewel de sociale werkelijkheid die wij met elkaar delen, is al vanaf de begindagen de grondstof voor de documentairefilm. Zoals de aanhalingstekens al aangeven, is dit ‘echte’ in filosofisch opzicht een erg complex en problematisch begrip. Films zijn altijd het resultaat van een selectieproces van de maker, en daardoor behelzen zij altijd een bepaald perspectief op onze werkelijkheid. Hiervan was John Grierson – een van de grondleggers van de documentairefilm – zich in 1926 al bewust toen hij deze filmvorm omschreef als “the creative treatment of actuality.”

Essays
Saunders tracht in een reeks essays de verschillende benaderingswijzen bloot te leggen waarmee filmmakers op creatieve wijze betekenis hebben proberen te geven aan de werkelijkheid. Naast de specifieke structuur en werking van de films die Saunders behandelt, krijgt de lezer van Documentary en passant ook inzicht in de gehele academische discussie rondom deze filmvorm. Dit laatste zorgt ervoor dat het voor de leek een hele worsteling kan zijn om er doorheen te komen. Na de introductie, waarin Saunders uitweidt over ‘definities’, ‘verplichtingen’ ‘functies’ en de grootste trends en bewegingen van de documentairefilm, volgen de filmanalyses die hij indeelt in drie typen filmmakers: ‘pioniers’, ‘barden’ en ‘performers’. De films en makers die de auteur behandelt en over deze drie categorieën verspreidt zijn: Nanook of the North (1922), The Man with the Movie Camera (1929), Night Mail (1936), Night and Fog (1955), Roger and Me (1989), Tarnation (2003), My Winnipeg (2007), Sicko (2007), Waltz with Bashir (2008), Say my Name (2009) en Anvil: The story of Anvil (2009). In emotioneel en materieel opzicht hebben deze documentaires op geheel eigen wijze de documentairevorm uitgedaagd, veranderd en verrijkt. De films zijn allemaal redelijk bekend en verkrijgbaar op dvd waardoor de geïnteresseerde leek zich wel een goed beeld kan vormen bij wat Saunders beschrijft.

Voorbeeld
De vrijwel volledig geanimeerde documentaire Waltz with Bashir (Ari Folman, 2008) is een prachtig voorbeeld van een (extreem) creatieve bewerking van de actualiteit. Folman keert zich met zijn film tegen het traditionele fotorealisme wat wij van gewoonlijk van documentaires gewend zijn en benadrukt veel minder de status van de film als bewijs. De filmmaker en veteraan onderzoekt wat de impact is van zijn ervaringen die hij opdeed tijdens Israëlische invasie van Libanon in 1982. Gekweld door geheugenverlies gaat hij op bezoek bij therapeuten en oud strijdmakkers om te achterhalen wat zich destijds precies heeft afgespeeld. De mysterieuze werking van het geheugen wordt door de animatietechniek op originele, wellicht vervreemdende wijze verbeeld zodat de grens tussen wat echt en niet echt is tevens wordt vervaagd. Wat traditiegetrouw via fotorealisme wordt benadrukt als datgene wat feitelijk is gebeurd, wordt door Folman op autobiografische wijze vermengd met datgene wat zich meer in zijn jonge psyche afspeelde tijdens de invasie. De interviews die in de film zijn verwerkt, vonden echt plaats maar zijn echter nagetekend. Deze leveren daardoor weliswaar een deel van het bewijs, maar bevinden zich eveneens in een grensgebied tussen de feitelijke gebeurtenissen en de doorwerking daarvan in Folmans geest. Hierdoor komt het accent meer te liggen op de complexiteit van de menselijke geheugen dan op de feitelijke gebeurtenissen. Dit is slechts één van de vele voorbeelden die Saunders in Documentary geeft van de manier waarop de documentairefilm ons de wereld op vernieuwende wijze kan doen laten ervaren.

Advertenties

Over yourisepp

Filmrecensies, filmtheorie en meer...
Dit bericht werd geplaatst in Blog, Literatuur over film en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Verfrissende studie naar de documentairefilm

  1. Titus Beertsen zegt:

    Ken je “Sans Soleil” van Chris Marker? Daarin wordt een reis van de hoofdpersoon beschreven door teksten uit ontvangen brieven (van een pseudonym van Marker zelf). Hier is de opzet bijzonder, omdat het constant balanceert tussen fictie en non-fictie, het narratief en gefilosofeer is allemaal later door Marker toegevoegd. Hoe zou je zoiets noemen dan? Fictie-documentaire?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s